• 80+ vestigingen in Nederland
  • Merk-erkend schadeherstel
  • Schadeherstel- en BOVAG garantie
Afspraak maken
Afspraak maken
Bel ons op: 0900 - 6611111
Terug

Wanneer moet je je banden wisselen?

Elk jaar hetzelfde… Ergens in maart of oktober vraag je je af of het al tijd is voor de bandenwissel. Te vroeg wisselen is riskant. Te laat is zonde van de moeite.

De grens zit bij 7 graden Celsius en zodra je begrijpt waarom, onthoud je het de rest van je leven.

De 7°C-grens

Wissel van winter- naar zomerbanden zodra de temperatuur structureel boven de 7 graden uitkomt. En wissel terug zodra het kwik daar structureel onder zakt.

Die grens heeft alles te maken met rubber. Winterbanden zijn zacht van samenstelling, zodat ze grip houden bij kou. Zomerbanden zijn harder en werken pas goed als het warm genoeg is. Doe je het andersom? Dan rijd je met het verkeerde rubber op het wegdek.

Het Nederlandse weer maakt de timing lastig. Een handige kapstok: koppel de bandenwissel aan de overgang van zomer- naar wintertijd. Klok verzetten = banden wisselen.

Winterbanden in de zomer

De zachte rubbersamenstelling van een winterband slijt bij hogere temperaturen veel sneller dan bij kou. Je betaalt dus voor banden die sneller op zijn. Maar de veiligheid is nog belangrijker: bij warm weer geeft een winterband minder grip en is de remweg langer. Niet wat je wilt als er in augustus ineens onverhoopt een bui valt.

Zomerbanden in de winter

Zomerbanden worden bij temperaturen onder de 7 graden Celsius keihard. Het rubber verliest zijn grip, de remweg neemt toe en op gladde wegen wordt rijden riskant. Daar komt bij dat je meer brandstof verbruikt, omdat de band meer weerstand biedt. Het rijden is hiermee duurder en tegelijk gevaarlijker.

Wat zomerbanden anders doen

Boven de 7 graden Celsius presteren zomerbanden op elk vlak beter dan winterbanden. De remweg is korter, je hebt meer grip bij regen, minder kans op aquaplaning en betere stuurcontrole. Het rubber slijt minder snel bij warmte en je verbruikt minder brandstof. Zomerbanden zijn daarnaast goedkoper in aanschaf dan winterbanden, wat het seizoensritme financieel ook verstandig maakt.

Terugwisselen naar winterbanden

Dat doe je zodra de temperatuur structureel onder de 7 graden Celsius zakt, doorgaans ergens in oktober of november. Wacht daar niet te lang mee: in het najaar lopen garages en bandenbedrijven snel vol en zijn wachttijden langer dan je verwacht. Plan de afspraak vroeg in oktober, dan ben je op tijd en kun je de conditie van je winterbanden meteen laten checken.

Hoe lang duurt een bandenwissel?

Gemiddeld 30 tot 45 minuten. Breng je complete wielen mee (banden al op velgen), dan gaat het sneller dan wanneer de banden nog opgezet moeten worden. Laat bij deze gelegenheid ook de bandenspanning controleren. Die verandert door temperatuurwisselingen en wordt na een bandenwissel weleens vergeten.

All-seasonbanden: prima, maar een compromis

Je mag het hele jaar op all-seasonbanden rijden. Ze presteren in alle seizoenen acceptabel, maar nooit zo goed als een zomer- of winterband. In de zomer zijn ze minder goed dan zomerbanden, in de winter slechter dan winterbanden. Rijd je weinig of wil je de bandenwissel het liefst overslaan, dan zijn ze een prima keuze. Rijd je veel of regelmatig onder zware omstandigheden, dan lonen twee sets.

Zijn je banden nog goed?

Controleer het profiel voordat je wisselt. De wettelijke minimumdiepte van 1,6mm geldt voor het loopvlak, maar voor winterbanden hanteert de industrie vaak 4mm als praktische ondergrens voor winterprestaties. Op de zijkant van elke band zitten kleine driehoekjes: de TWI-markeringen. Staat het profiel gelijk aan dat puntje, dan is het profiel echt op.